“Een sterk lokaal ouderenbeleid maak je niet alleen": Labo Ouderenbeleid zet in op co-creatie

Zorg & Gezondheid
Labo Ouderenbeleid

Op 10 mei 2022 kwamen verschillende spelers van het lokaal ouderenbeleid samen in het Monasterium in Gent. De reden? Ze namen deel aan ons tweede Labo Ouderenbeleid, dat in het teken stond van participatie en co-creatie.

De Vlaamse Ouderenraad organiseert de Labo’s Ouderenbeleid samen met de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) en Vrije Universiteit Brussel (VUB). In de Labo’s staat uitwisseling tussen leden van ouderenraden, ambtenaren en schepenen ouderenbeleid centraal. Het zijn alle drie cruciale partners voor een sterk lokaal ouderenbeleid. Was je niet op het labo? Dan heb je heel wat gemist. Gelukkig spitsten wij onze oren voor jou.

Verschil tussen participatie en co-creatie

De enthousiaste aanwezigen kregen niet de kans om rustig van hun tas koffie te nippen, of nog snel een ontbijtkoek naar binnen te werken. Sarah Dury, onderzoeker aan de VUB, dompelde de deelnemers meteen onder in de begrippen co-creatie en participatie. “In de praktijk worden die begrippen vaak door elkaar gebruikt, maar eigenlijk is er een groot verschil”, legt Dury uit. Participatie wil letterlijk zeggen ‘actieve deelname’. Tijdens een productieproces worden deelnemers dus actief betrokken.

Maar bij sommige participatietrajecten worden de deelnemers al vanaf fase één betrokken, terwijl bij andere trajecten de deelnemers pas in een latere fase een stem krijgen. “En co-creatie wil zeggen dat je de eindgebruiker écht actief betrekt in de verschillende stadia van een productieproces”, duidt Dury. “Bij participatie ligt de lat dus lager: de betrokkenheid van de burger kan passief zijn of zich beperken tot een specifieke fase in het project. Bij co-creatie is dat niet het geval.” Welke vorm van participatie je best toepast, hangt af van het doel van het project.

Maar aan participatie of co-creatie doen, is niet altijd evident. Dat hebben de deelnemers al ondervonden. “Ik merk dat veel gemeentes burgers vooral betrekken via de telefoon of via e-mails. Maar kwetsbare groepen worden zo niet bereikt. Wij richten ons daarom op de poetshulpen van de diensten voor gezinszorg om signalen op te vangen bij die groepen. Ook mensen van mobiele dienstencentra weten vaak wat er bij de doelgroep leeft”, klinkt het bij een lid van de seniorenraad.

Écht luisteren naar burgers?

Na de introductie over de begrippen, duiken de deelnemers in de verschillende fases van een co-creatieproces. Begrippen als non-participatie - een vorm waar burgers geen stem en geen beslissingsmacht hebben – en nepparticipatie - een vorm waarbij burgers wel hun stem mogen uiten, maar er niets echt iets meer veranderen - worden in de groep gegooid. Na de uitleg van Dury, mogen de aanwezigen met elkaar overleggen. Hebben er in hun gemeente al co-creatieve projecten plaatsgevonden? En verliep dat altijd van een leien dakje?

“Toen we met onze seniorenraad een ‘buren-helpen-buren’ initiatief wilden lanceren, waren er enorm veel mensen die anderen wilden helpen. Vrijwilligers dus. Maar mensen die zorg nodig hadden, waren onvindbaar. Ze dienden zich simpelweg niet aan. Bij het uittekenen van het project zijn we toen te veel vertrokken vanuit wat we voor anderen wilden doen, en hebben we onvoldoende geluisterd naar, of en hoe zij geholpen willen worden. We kregen bovendien weinig steun van de stad”, vertelt één van de deelnemers.

Over spelregels en machtsposities

Nadat de deelnemers hun projecten, bedenkingen of ideeën in de groep hebben gesmeten, geeft Dury enkele succesfactoren en drempels van een co-creatieproject mee. “Baken op voorhand de spelregels af. Maak meteen duidelijk hoeveel budget er is voor het project, wanneer er evaluaties gepland staan, welke partners er betrokken worden en noem maar op. Zo creëer je bij elke deelnemer de juiste verwachting en weet iedereen vanaf de start wat binnen het project wel en niet kan. Dat is belangrijk voor de kwaliteit van het eindresultaat.”

“Ik ben lid van de Stedelijke Adviesraad voor Personen met een Handicap. Samen met de Dienst Lokaal Sociaal Beleid maakten we een brochure om inwoners inzicht te geven in de noden en wensen van mensen met een beperking. Het doel van de brochure was meteen duidelijk, en de leden van de adviesraad zijn tijdens het gehele traject betrokken. We maakten de brochure écht samen, en ik ben trots op het eindresultaat”, vertelt een deelnemer.

Bij een project horen er ook moeilijkheden en drempels, legt Dury verder uit. “Bewaak altijd de grenzen van je vrijwilligers. En hou rekening met machtsposities. In een co-creatiegroep zitten er ook steevast dominante profielen. Dat zijn mensen die graag hun zegje doen en er zo voor zorgen dat stillere mensen niet aan het woord komen tijdens een brainstormsessie. Zorg ervoor dat ook mensen met een kwetsbaar profiel zich op hun gemak voelen tijdens een overleg. Dat ze een gevoel van veiligheid ervaren en dus ook durven en kunnen praten.”

Ben je graag aanwezig op de volgende Labosessie, die doorgaat in oktober? Neem dan contact op met Nadia Denayer via nadia.denayer@vlaamse-ouderenraad.be of 02 209 34 58. 

Reacties uit het publiek

De aanwezigen keren met een hoop inspirerende praktijkvoorbeelden, do’s en don’ts huiswaarts. Althans, nadat ze nog even met ons hebben gebabbeld. Wij stelden drie aanwezigen de vraag waarom ze wilden deelnemen aan het labo Ouderenbeleid.

Ik vind het moeilijk om beleid en burger met elkaar te verbinden. Een ambtenaar kan naar de noden van de inwoners luisteren, maar kan zelf geen beslissingen nemen. Daarvoor heeft hij toestemming nodig van het lokaal beleid. Ik merk bovendien dat veel inwoners hun zegje niet meer willen doen, simpelweg omdat ze merken dat er nooit naar hen geluisterd wordt. Ik kwam hier luisteren hoe andere gemeenten daarmee omgaan.

Christiaan De Wulf, lid van de ouderenraad Eeklo en RPO Meetjesland

Mol doet het goed op vlak van participatie en co-creatie. Het feit dat we hier met ons drieën aanwezig zijn, bewijst dat ook. We zetten al lang in op co-creatie. De Labo-sessie heeft ons geleerd dat we goed bezig zijn. We herkennen onze manier van werken in de uitleg. Tegelijk hebben we ook veel geleerd uit de voorbeelden van andere gemeentes. En de aandachtspunten die in de presentatie aan bod kwamen, houden ons met de voetjes op de grond.

Jules Boven, voorzitter seniorenraad Mol, Lotte Vreys, schepen van senioren Mol en Karin Verreyt, seniorenconsulente Mol

Inspiratie opdoen, dat is waarom ik hier ben. Andere aanwezigen hebben soms al co-creatieprojecten in de praktijk uitgetest. Ik was vandaag vooral benieuwd wat er toen goed ging en wat er toen misliep bij hen. Ik ben ervan overtuigd dat ik kan leren uit hun ervaringen.

Nathalie Samaes, stadsondersteuner stedelijke seniorenraad Gent